Art. 7 Verordening (EG) nr. 717/2007, Toezicht en handhaving
1. De nationale regelgevende instanties controleren en zien toe op de naleving van deze verordening op hun grondgebied.
2. De nationale regelgevende instanties stellen geactualiseerde informatie over de toepassing van deze verordening, met name de artikelen 3 en 4 ervan, publiek beschikbaar op een wijze die belangstellenden gemakkelijk toegang tot die informatie biedt.
3. Ter voorbereiding op de evaluatie bedoeld in artikel 11, zien de nationale regelgevende instanties toe op de ontwikkeling van de wholesale- en retailtarieven voor de levering aan roamende klanten van spraaktelefonie- en gegevenscommunicatiediensten, met inbegrip van SMS en MMS, inclusief in de ultraperifere regio's van de Gemeenschap bedoeld in artikel 299, lid 2, van het Verdrag. De nationale regelgevende instanties geven tevens aandacht aan het bijzondere geval van ongewilde roaming in de grensgebieden van aan elkaar grenzende lidstaten en controleren of er verkeerssturingstechnieken worden gebruikt die nadelig zijn voor de klanten. Zij delen de resultaten van dit toezicht, met inbegrip van afzonderlijke informatie over zakelijke, pre-paid- en post-paidklanten, om de zes maanden aan de Commissie mede.
4. De nationale regelgevende instanties hebben de bevoegdheid om bij de ondernemingen waarop de bepalingen van deze verordening van toepassing zijn, alle informatie op te vragen die relevant is voor de tenuitvoerlegging en handhaving van deze verordening. Die ondernemingen verstrekken dergelijke informatie op verzoek onverwijld en volgens de door de nationale regelgevende instantie vastgestelde termijnen en mate van detail.
5. De nationale regelgevende instanties kunnen op eigen initiatief optreden om de naleving van deze verordening te waarborgen. In het bijzonder maken zij, indien nodig, gebruik van de bevoegdheden waarover zij uit hoofde van artikel 5 van de Toegangsrichtlijn beschikken om te zorgen voor de benodigde toegang en interconnectie om een de eind-tot-eindverbinding en de interoperabiliteit van roamingdiensten te verzekeren.
6. Wanneer de nationale regelgevende instantie een inbreuk op deze verordening constateert, heeft zij de bevoegdheid om de onmiddellijke beëindiging van deze inbreuk te eisen.