Art. 2 Verordening (EG) nr. 557/2007, Kwaliteitskenmerken van eieren
1. Eieren van klasse A moeten de volgende kwaliteitskenmerken hebben:
a) schaal en cuticula: normale vorm, schoon en onbeschadigd;
b) luchtkamer: hoogte niet meer dan 6 mm, onbeweeglijk; voor eieren die met de vermelding „extra” in de handel worden gebracht, mag deze hoogte evenwel niet meer dan 4 mm bedragen;
c) dooier: bij schouwing slechts vaag zichtbaar, zonder duidelijke omtrek, bij draaien van het ei licht beweeglijk en opnieuw een centrale positie innemend;
d) eiwit: helder, doorschijnend
e) kiem: niet zichtbaar ontwikkeld;
f) vreemde stoffen: niet toegestaan;
g) vreemde geur: niet toegestaan.
2. Eieren van klasse A mogen vóór of na sortering niet worden gewassen of gereinigd, behalve in de in artikel 3 genoemde gevallen.
3. Eieren van klasse A mogen geen verduurzamingsbehandeling ondergaan en niet worden gekoeld in ruimten of inrichtingen waar de temperatuur kunstmatig lager dan + 5 °C wordt gehouden. Eieren die tijdens een transport van niet meer dan 24 uur, dan wel in de ruimte waar detailverkoop geschiedt of in bijgebouwen daarvan gedurende niet meer dan 72 uur, bij een temperatuur van minder dan 5 °C zijn bewaard, worden evenwel niet als gekoelde eieren aangemerkt.
4. Eieren die niet de in lid 1 vermelde kwaliteitskenmerken vertonen, worden in klasse B ingedeeld. Eieren van klasse A die niet langer deze kenmerken vertonen, kunnen worden heringedeeld in klasse B.