Art. 12 Verordening (EG) nr. 219/2007, Financiële bepalingen

Verordening (EG) nr. 219/2007

1. De inkomsten van de gemeenschappelijke onderneming komen uit de in artikel 4 van de verordening genoemde bronnen.

2. Voor de start van de activiteiten van de gemeenschappelijke onderneming betalen de stichtende leden een eerste bijdrage van minimaal 10 miljoen EUR binnen een jaar na de oprichting van de gemeenschappelijke onderneming.

3. De in artikel 1, lid 2, tweede streepje, bedoelde leden verbinden zich ertoe een eerste bijdrage te betalen van minimaal 10 miljoen EUR binnen een jaar na hun aanvaarding als lid van de gemeenschappelijke onderneming. Dit bedrag bedraagt slechts 5 miljoen EUR voor degenen die zich binnen twaalf maanden na de oprichting van de gemeenschappelijke onderneming als lid opgeven.

Voor ondernemingen die zich individueel of collectief als lid opgeven en die als kleine of middelgrote ondernemingen in de zin van de aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van de kleine en middelgrote ondernemingen (1) kunnen worden aangemerkt, wordt dit bedrag teruggebracht tot 250 000 EUR, ongeacht het tijdstip van hun toetreding. Aan nieuwe leden kan de mogelijkheid worden geboden deze eerste bijdrage in verscheidene afbetalingen te voldoen, gespreid over een periode die in hun in artikel 1, lid 3, bedoelde overeenkomst wordt overeengekomen en vastgesteld.

4. De Raad van bestuur bepaalt de bedragen die door ieder lid moeten worden betaald, in verhouding tot de bijdragen die ieder lid zich verplicht heeft te betalen, en stelt de termijn vast waarbinnen de leden hun bijdragen moeten betalen.

5. Bijdragen in natura zijn mogelijk, behalve wat betreft de in lid 2 genoemde bijdragen. Deze worden beoordeeld op hun waarde en nut voor de verwezenlijking van de taken van de gemeenschappelijke onderneming, en worden gespecificeerd in de in artikel 1, lid 3, bedoelde overeenkomst.

6. Een lid van de gemeenschappelijke onderneming dat zich niet houdt aan zijn verplichtingen betreffende bijdragen in natura of niet binnen de voorgeschreven termijn het verschuldigde bedrag betaalt, verliest in de periode van zes maanden na het verstrijken van genoemde termijn zijn stemrecht binnen de Raad van bestuur zolang hij niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Indien hij na het verstrijken van genoemde zes maanden nog steeds in gebreke blijft, vervalt zijn lidmaatschap.

Vorige artikelen

Volgende artikelen