Art. 21 Richtlijn 2007/23/EG, Omzetting
1. De lidstaten dienen uiterlijk op 4 januari 2010 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken om aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mede.
2. Zij passen die bepalingen toe vanaf 4 juli 2010 voor vuurwerk van de categorieën 1, 2 en 3, en vanaf 4 juli 2013 voor andere pyrotechnische artikelen, vuurwerk van categorie 4 en pyrotechnische artikelen voor theatergebruik.
3. Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.
4. De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.
5. Nationale vergunningen die vóór de in lid 2 aangegeven desbetreffende datum zijn verleend, blijven tot hun vervaldatum of tot tien jaar na de inwerkingtreding van de richtlijn (de kortste periode is van toepassing) geldig op het grondgebied van de lidstaat die de vergunning heeft verleend.
6. In afwijking van lid 5 blijven nationale vergunningen voor pyrotechnische artikelen voor voertuigen die vóór de in lid 2 aangegeven desbetreffende datum zijn verleend, geldig tot ze vervallen.