Art. 16 Verordening (EG) nr. 1896/2006, Verweer tegen een Europees betalingsbevel
Verordening (EG) nr. 1896/2006
1. De verweerder kan bij het gerecht van oorsprong een verweerschrift tegen het Europees betalingsbevel indienen door middel van het standaardformulier F van bijlage VI, dat hem samen met het Europees betalingsbevel wordt verstrekt.
2. Het verweerschrift wordt toegezonden binnen 30 dagen nadat het betalingsbevel aan de verweerder is betekend of ter kennis is gebracht.
3. In het verweerschrift vermeldt de verweerder dat hij de schuldvordering betwist, zonder gehouden te zijn te verklaren op welke gronden de betwisting berust.
4. Het verweerschrift wordt ingediend op papieren drager of via elk ander communicatiemiddel, inclusief langs elektronische weg, dat in de lidstaat van oorsprong wordt aanvaard en dat bij het gerecht van oorsprong beschikbaar is.
5. Het verweerschrift wordt door de verweerder of, in voorkomend geval, door zijn vertegenwoordiger ondertekend. Een overeenkomstig lid 4 langs elektronische weg ingediend verweerschrift wordt ondertekend overeenkomstig artikel 2, lid 2, van Richtlijn 1999/93/EG. De elektronische handtekening wordt in de lidstaat van oorsprong erkend zonder dat verdere voorwaarden worden gesteld.
Deze elektronische handtekening is evenwel niet vereist indien en voorzover er een alternatief elektronisch communicatiesysteem bij het gerecht van de lidstaat van oorsprong bestaat dat voor een bepaalde groep tevoren geregistreerde erkende gebruikers beschikbaar is en waarmee die gebruikers op een veilige manier kunnen worden geïdentificeerd. De bedoelde communicatiesystemen worden door de lidstaten aan de Commissie ter kennis gebracht.