Art. 86 Verordening (EG) nr. 1198/2006, Voorwaarden voor de betaling van het saldo

Verordening (EG) nr. 1198/2006

1. De Commissie betaalt het saldo op voorwaarde dat:

a) de lidstaat uiterlijk op 31 maart 2017 een betalingsaanvraag heeft toegezonden die de volgende documenten omvat:

i) een betalingsaanvraag en een uitgavenstaat overeenkomstig artikel 78;

ii) het eindverslag over de uitvoering van het operationele programma, dat de in artikel 67 bedoelde gegevens bevat;

iii) een verklaring van afsluiting overeenkomstig artikel 61, lid 1, onder f),

en

b) de Commissie ten aanzien van concrete acties waarvoor de uitgaven overeenkomstig de betrokken betalingsaanvraag zijn gedeclareerd, geen met redenen omkleed advies in verband met een inbreuk heeft uitgebracht op grond van artikel 226 van het Verdrag.

2. Als niet alle in het vorige lid genoemde documenten bij de Commissie zijn ingediend, wordt het eindsaldo overeenkomstig artikel 90 ambtshalve doorgehaald.

3. De Commissie stelt de lidstaat binnen 5 maanden na ontvangst van de in lid 1, onder a), iii), bedoelde verklaring van afsluiting in kennis van haar advies over de inhoud van de verklaring. Indien de Commissie binnen 5 maanden geen opmerkingen maakt, wordt de verklaring van afsluiting geacht te zijn aanvaard.

4. Onder voorbehoud van de beschikbare begrotingsmiddelen betaalt de Commissie het saldo uiterlijk 45 dagen na de laatstvallende van de volgende data:

a) de datum waarop zij het eindverslag aanvaardt overeenkomstig artikel 67, lid 4;

of

b) de datum waarop zij de in lid 1, onder a), iii), bedoelde verklaring van afsluiting aanvaardt.

5. Onverminderd lid 6, wordt het overblijvende bedrag van de betalingsverplichting twaalf maanden na de betaling geannuleerd.

De Commissie stelt de lidstaten binnen twee maanden in kennis van de datum van afsluiting van het operationele programma.

6. Onverminderd de resultaten van eventuele audits door de Commissie of de Europese Rekenkamer, kan het door de Commissie voor een operationeel programma betaalde saldo worden gerectificeerd binnen negen maanden na de datum van betaling ervan of, in geval van een negatief, door de lidstaat terug te betalen saldo, binnen negen maanden na de datum waarop de debetnota is verzonden. Deze wijziging van het saldo leidt niet tot wijziging van de datum van de afsluiting die overeenkomstig lid 5 wordt meegedeeld.