Art. 2 Verordening (EG) nr. 1117/2006

Verordening (EG) nr. 1117/2006

1. Met het oog op de verlening van de slachtpremie verzekert de bevoegde autoriteit van Nederland zich ervan dat de dieren op het moment van de slacht voldeden aan de volgende steunvoorwaarden:

a) stieren, ossen, koeien en vaarzen waren ten minste acht maanden oud;

b) kalveren waren meer dan een maand en minder dan zeven maanden oud.

De premie wordt uitgekeerd aan producenten die het dier hebben aangehouden gedurende een periode van ten minste twee maanden die niet eerder dan een maand vóór de slacht afloopt.

2. De slachtpremie wordt verleend binnen de grenzen van het niet-gebruikte deel van het nationale maximum van 1 207 849 volwassen runderen en 1 198 113 kalveren per jaar.

Per voor steun in aanmerking komend dier in de zin van lid 1, onder a), wordt het bedrag van de premie vastgesteld op 27 EUR voor het kalenderjaar 2000, 53 EUR voor het kalenderjaar 2001 en 80 EUR voor de kalenderjaren 2002 en 2003.

Per voor steun in aanmerking komend dier in de zin van lid 1, onder b), wordt het bedrag van de premie vastgesteld op 17 EUR voor het kalenderjaar 2000, 33 EUR voor het kalenderjaar 2001 en 50 EUR voor de kalenderjaren 2002 en 2003.