Art. 3 Richtlijn 2006/73/EG, Voorwaarden die gelden voor de verstrekking van informatie

Richtlijn 2006/73/EG

1. Wanneer voor de toepassing van deze richtlijn informatie op een duurzame drager moet worden verstrekt, dan staan de lidstaten beleggingsondernemingen alleen toe om die informatie op een andere duurzame drager dan papier te verstrekken als:

a) de verstrekking van deze informatie op de desbetreffende drager in de context past waarin de onderneming met de cliënt zakendoet of zaken gaat doen; en

b) de persoon aan wie de informatie moet worden verstrekt, wanneer deze voor de keuze wordt gesteld tussen informatie op papier of op deze andere duurzame drager, uitdrukkelijk voor deze andere drager kiest.

2. Wanneer een beleggingsonderneming overeenkomstig de artikelen 29 tot en met 33 of artikel 46, lid 2, van deze richtlijn aan een cliënt via een website informatie verstrekt en deze informatie niet tot de cliënt persoonlijk gericht is, zorgen de lidstaten ervoor dat aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

a) de verstrekking van deze informatie op de desbetreffende drager past in de context waarin de onderneming met de cliënt zakendoet of zaken gaat doen;

b) de cliënt moet uitdrukkelijk instemmen met de verstrekking van informatie in deze vorm;

c) de cliënt moet elektronisch op de hoogte worden gebracht van het adres van de website en de plaats op de website waar toegang kan worden verkregen tot de informatie;

d) de informatie moet actueel zijn;

e) via deze website moet de informatie onafgebroken toegankelijk blijven gedurende de tijd die de cliënt redelijkerwijs nodig heeft om deze in te zien.

3. Voor de toepassing van dit artikel wordt de verstrekking van informatie via elektronische mededelingen geacht te passen in de context waarin de onderneming met de cliënt zakendoet of zaken gaat doen als bewezen is dat de cliënt regelmatig toegang tot internet heeft. Dit wordt als bewezen aangemerkt als de cliënt een e-mailadres opgeeft om zaken te kunnen doen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen