Art. 12 Richtlijn 2006/66/EG, Verwerking en recycling

Richtlijn 2006/66/EG

1. De lidstaten zorgen ervoor dat uiterlijk op 26 september 2009:

a) de producenten of derden, met gebruikmaking van de beste beschikbare technieken voor de bescherming van de gezondheid en het milieu, systemen opzetten voor de verwerking en recycling van afgedankte batterijen en accu's; en

b) alle identificeerbare batterijen en accu's die overeenkomstig artikel 8 van deze richtlijn of Richtlijn 2002/96/EG zijn ingezameld, door middel van systemen worden verwerkt en gerecycled die ten minste voldoen aan de communautaire wetgeving, met name op het gebied van gezondheid, veiligheid en afvalbeheer.

Met inachtneming van het Verdrag mogen de lidstaten evenwel ingezamelde draagbare batterijen en accu's die cadmium, kwik of lood bevatten, op stortplaatsen of ondergronds opslaan wanneer er geen levensvatbare eindmarkt is. Met inachtneming van het Verdrag mogen de lidstaten ook ingezamelde draagbare batterijen of accu's die cadmium, kwik of lood bevatten, verwijderen door storting op stortplaatsen of door ondergronds op te slaan, als onderdeel van een strategie om het gebruik van zware metalen in fasen volledig te beëindigen, die aantoont op grond van een gedetailleerde beoordeling van de milieu-, economische en sociale gevolgen dat de optie van verwijdering dient verkozen te worden boven recycling.

De lidstaten maken deze beoordeling openbaar en stellen de Commissie overeenkomstig Richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij (20) in kennis van de ontwerp-maatregelen.

2. De verwerking voldoet aan de minimumvereisten in bijlage III, deel A.

3. Indien batterijen ingezameld worden samen met afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) op grond van Richtlijn 2002/96/EG, worden zij uit de AEEA gehaald.

4. Recyclingprocessen voldoen uiterlijk op 26 september 2010 aan de recyclingrendementen en de daarmee verband houdende bepalingen van bijlage III, deel B.

5. Onder verwijzing naar de al dan niet bereikte recyclingrendementen van bijlage III, deel B, brengen de lidstaten verslag uit over de in elk kalenderjaar bereikte recyclingniveaus; binnen zes maanden te rekenen vanaf het einde van het betrokken kalenderjaar doen zij de Commissie deze gegevens toekomen.

6. Bijlage III kan volgens de procedure van artikel 24, lid 2, gewijzigd of aangevuld worden om rekening te houden met de wetenschappelijke en technische vooruitgang. Met name:

a) worden uiterlijk op 26 maart 2010 nadere bepalingen voor de berekening van de recyclingrendementen toegevoegd; en

b) worden de minimale recyclingrendementen regelmatig geëvalueerd en aangepast aan de beste beschikbare technieken en in het licht van de in lid 1, tweede alinea, bedoelde ontwikkelingen.

7. Alvorens eventuele wijzigingen in bijlage III voor te stellen, raadpleegt de Commissie de belanghebbenden, met name producenten, inzamelaars, recyclers, verwerkers, milieuorganisaties, consumentenverenigingen en werknemersverenigingen. Zij stelt het in artikel 24, lid 1, bedoelde comité van het resultaat van deze raadpleging in kennis.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen