Art. 12 Richtlijn 2006/24/EG, Toekomstige maatregelen

Richtlijn 2006/24/EG

1. Lidstaten met specifieke omstandigheden die een in tijd beperkte verlenging van de in artikel 6 bedoelde bewaringsperiode rechtvaardigen, kunnen de noodzakelijke maatregelen treffen. De lidstaten stellen de Commissie en de overige lidstaten onverwijld in kennis van de krachtens dit artikel genomen maatregelen, met vermelding van de redenen die aan dat besluit ten grondslag liggen.

2. Uiterlijk zes maanden na de in lid 1 bedoelde kennisgeving, bekrachtigt of verwerpt de Commissie de desbetreffende nationale maatregelen na te hebben onderzocht of zij al dan niet neerkomen op willekeurige discriminatie of een verkapte vorm van handelsbeperking tussen de lidstaten, en of zij al dan niet een belemmering vormen voor de werking van de interne markt. Wanneer de Commissie binnen de genoemde periode geen besluit neemt, worden de maatregelen als goedgekeurd beschouwd.

3. Indien de nationale maatregelen die afwijken van het bepaalde in deze richtlijn, overeenkomstig lid 2 zijn goedgekeurd, kan de Commissie overwegen een aanpassing van deze richtlijn voor te stellen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen