Art. 88 Verordening (EG) nr. 1698/2005, Toepassing van de regels inzake staatssteun
Verordening (EG) nr. 1698/2005
1. Tenzij in deze titel anders is bepaald, zijn de artikelen 87, 88 en 89 van het Verdrag van toepassing op steun van de lidstaten voor plattelandsontwikkeling.
De artikelen 87, 88 en 89 van het Verdrag zijn evenwel niet van toepassing op de financiële bijdragen die de lidstaten leveren als tegenwaarde voor de communautaire steun die overeenkomstig deze verordening wordt verleend voor plattelandsontwikkeling uit hoofde van artikel 36 van het Verdrag.
2. Steun voor de modernisering van landbouwbedrijven die de overeenkomstig artikel 26, lid 2, in de bijlage vastgestelde percentages overschrijdt, is verboden. Dit verbod geldt niet voor steun voor:
a) overwegend in het algemeen belang verrichte investeringen waarbij het gaat om het behoud van het traditionele landschap dat door land- en bosbouw tot stand is gekomen, of om de verplaatsing van bedrijfsgebouwen;
b) investeringen voor milieuverbetering en -bescherming;
c) investeringen ter verbetering van de hygiënische omstandigheden in de veehouderij en van het dierenwelzijn en betreffende arbeidsveiligheid op de werkplek.
3. Staatssteun die aan landbouwers wordt toegekend als compensatie voor natuurlijke handicaps in berggebieden en in andere gebieden met een handicap, is verboden indien die steun niet aan de bij artikel 37 vastgestelde voorwaarden voldoet. In naar behoren gerechtvaardigde gevallen mag echter aanvullende steun worden verleend boven de in bijlage I voor artikel 37, lid 3, vastgestelde bedragen.
4. Staatssteun voor landbouwers die agromilieu- of dierenwelzijnsverbintenissen aangaan welke niet voldoen aan de bij artikel 39, respectievelijk artikel 40, vastgestelde voorwaarden, is verboden. Aanvullende steun boven de in de bijlage voor artikel 39, lid 4, en artikel 40, lid 3, vastgestelde maximumbedragen mag evenwel worden verleend indien deze naar behoren gerechtvaardigd is. In uitzonderingsgevallen kan een naar behoren gerechtvaardigde afwijking worden toegestaan van de minimumduur die bij artikel 39, lid 3, en artikel 40, lid 2, voor de genoemde verbintenissen is vastgesteld.
5. Staatssteun voor landbouwers die zich aanpassen aan veeleisende normen welke zijn gebaseerd op communautaire regelgeving op het gebied van milieubescherming, volksgezondheid, de gezondheid van dieren en planten, dierenwelzijn en arbeidsveiligheid, is verboden indien die steun niet voldoet aan de in artikel 31 genoemde voorwaarden. Aanvullende steun boven het overeenkomstig artikel 31 vastgestelde maximumbedrag mag evenwel worden verleend om landbouwers te helpen te voldoen aan nationale wetgeving die verder gaat dan de communautaire normen.
6. Bij ontstentenis van communautaire regelgeving is staatssteun voor landbouwers die zich aanpassen aan veeleisende normen welke zijn gebaseerd op nationale wetgeving op het gebied van milieu, volksgezondheid, de gezondheid van dieren en planten, dierenwelzijn en arbeidsveiligheid, verboden indien die steun niet voldoet aan de in artikel 31 genoemde voorwaarden. Aanvullende steun boven het in de bijlage voor artikel 31, lid 2, vastgestelde maximumbedrag mag alleen worden verleend indien dit op grond van artikel 31 gerechtvaardigd is.