Art. 82 Verordening (EG) nr. 1698/2005, Jaarverslag over de uitvoering
Verordening (EG) nr. 1698/2005
1. Voor het eerst in 2008 en uiterlijk op 30 juni van elk jaar doet de beheersautoriteit de Commissie een jaarverslag over de uitvoering van het programma toekomen. De beheersautoriteit dient uiterlijk op 30 juni 2016 een laatste verslag over de uitvoering van het programma bij de Commissie in.
2. Elk jaarverslag over de uitvoering bevat de volgende gegevens:
a) elke verandering van de algemene omstandigheden die een rechtstreekse invloed heeft op de voorwaarden voor de uitvoering van het programma, en elke wijziging van het communautaire en nationale beleid dat gevolgen heeft voor de coherentie tussen de bijstand van het ELFPO en die van de andere financieringsinstrumenten;
b) de aan de hand van output- en resultaatindicatoren aangegeven vorderingen met het programma in het licht van de vastgestelde doelstellingen;
c) de financiële uitvoering van het programma, waarbij per maatregel een overzicht van de uitgaven voor betalingen aan begunstigden wordt gegeven; indien het programma geldt voor regio's die onder de convergentiedoelstelling vallen, moeten de uitgaven voor die regio's afzonderlijk worden vermeld;
d) een beknopt overzicht van de werkzaamheden op het gebied van de evaluatie tijdens de uitvoering overeenkomstig artikel 86, lid 3;
e) de maatregelen die de beheersautoriteit en het toezichtcomité hebben genomen om de kwaliteit en de doeltreffendheid van de uitvoering van het programma te waarborgen, en met name:
i) de activiteiten op het gebied van toezicht en evaluatie;
ii) een samenvatting van de grote problemen die bij het beheer van het programma zijn ondervonden, en de maatregelen die eventueel, al dan niet naar aanleiding van overeenkomstig artikel 83 gemaakte opmerkingen, zijn genomen;
iii) het gebruik van technische bijstand;
iv) de maatregelen die zijn genomen om overeenkomstig artikel 76 bekendheid aan het programma te geven;
f) een verklaring over de inachtneming van het communautaire beleid in het kader van de bijstand, inclusief informatie over de ondervonden problemen en over de maatregelen die zijn genomen om deze aan te pakken;
g) in voorkomend geval, het hergebruik van steun die overeenkomstig artikel 33 van Verordening (EG) nr. 1290/2005 is teruggevorderd.
3. Het verslag wordt voor de toepassing van artikel 26 van Verordening (EG) nr. 1290/2005 toereikend geacht, indien het alle in lid 2 genoemde gegevens bevat en de mogelijkheid biedt zich een beeld te vormen van de uitvoering van het programma.
Nadat de beheersautoriteit het jaarverslag over de uitvoering heeft ingediend, heeft de Commissie twee maanden de tijd om opmerkingen over het verslag te maken. Voor het laatste verslag over de uitvoering van het programma bedraagt deze termijn vijf maanden. Indien de Commissie niet binnen de gestelde termijn heeft geantwoord, wordt het verslag geacht te zijn aanvaard.
4. Nadere bijzonderheden betreffende jaarverslagen over de uitvoering voor specifieke programma's overeenkomstig artikel 66, lid 3, worden vastgesteld volgens de procedure bedoeld in artikel 90, lid 2.