Art. 6 Verordening (EG) nr. 1290/2005, Erkenning en intrekking van de erkenning van de betaalorganen en de coördinerende instanties

Verordening (EG) nr. 1290/2005

1. De betaalorganen zijn de diensten of instanties van de lidstaten die voor de betalingen die zij verrichten en voor de verstrekking en de bewaring van de nodige gegevens voldoende garanties bieden dat:

a) de ontvankelijkheid van de aanvragen en, voor de plattelandsontwikkeling, de procedure voor de toekenning van de steun, alsmede de overeenstemming met de communautaire voorschriften vóór het geven van de betalingsopdracht worden gecontroleerd;

b) de verrichte betalingen juist en volledig in de boekhouding worden geregistreerd;

c) de door de Europese regelgeving voorgeschreven controles worden verricht;

d) de vereiste stukken binnen de termijn en in de vorm zoals in de communautaire voorschriften bepaald worden ingediend;

e) de stukken toegankelijk zijn en zo worden bewaard dat hun volledigheid, geldigheid en leesbaarheid in de loop van de tijd is gegarandeerd, hetgeen ook geldt voor elektronische documenten in de zin van de communautaire voorschriften.

Behoudens de betaling van de communautaire steun kan de uitvoering van deze taken worden gedelegeerd.

2. Als betaalorgaan erkennen de lidstaten de diensten of instanties die aan de in lid 1 gestelde voorwaarden voldoen.

Elke lidstaat beperkt, met inachtneming van zijn grondwettelijke bepalingen en zijn institutionele inrichting, het aantal van zijn erkende betaalorganen tot het minimum dat nodig is voor een in administratief en boekhoudkundig opzicht goede afwikkeling van de in artikel 3, lid 1, en artikel 4 bedoelde uitgaven.

3. Indien meer dan één betaalorgaan wordt erkend, verstrekt de lidstaat de Commissie de nodige gegevens over de dienst of instantie die hij belast met de volgende taken:

a) de ter beschikking van de Commissie te stellen gegevens verzamelen en deze gegevens aan haar verstrekken;

b) een geharmoniseerde toepassing van de communautaire voorschriften bevorderen.

Deze dienst of instantie, hierna „coördinerende instantie” genoemd, is het voorwerp van een specifieke erkenning door de lidstaat.

4. Indien een erkend betaalorgaan niet of niet langer aan een of meer van de in lid 1 gestelde voorwaarden voldoet, trekt de lidstaat de erkenning in tenzij het betaalorgaan binnen een naar gelang van de ernst van het probleem vast te stellen termijn de nodige aanpassingen uitvoert.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen