Art. 38 Verordening (EG) nr. 396/2005, Aanwijzing van nationale autoriteiten
Elke lidstaat wijst een of meer nationale autoriteiten aan voor de coördinatie van de samenwerking met de Commissie, de Autoriteit, andere lidstaten, fabrikanten, producenten en telers in het kader van deze verordening. Wanneer een lidstaat meer dan één autoriteit aanwijst, deelt hij mee welke autoriteit als contactpunt fungeert.
De nationale autoriteiten kunnen taken delegeren aan andere organen.
Elke lidstaat deelt de Commissie en de Autoriteit de namen en de adressen mee van de aangewezen nationale autoriteiten.