Art. 8 Richtlijn 2005/55/EG, Herziening en verslagen

Richtlijn 2005/55/EG

1. De Commissie beziet of het noodzakelijk is nieuwe emissiegrenswaarden in te voeren met betrekking tot zware bedrijfsvoertuigen en motoren voor verontreinigende stoffen waarvoor nog geen regelgeving bestaat. De herziening wordt gebaseerd op het op grotere schaal in de handel brengen van nieuwe, alternatieve brandstoffen en op de invoering van nieuwe emissiebeheersingssystemen voor uitlaten op basis van toevoegingen om te voldoen aan de toekomstige normen die in deze richtlijn zijn vastgelegd. In voorkomend geval dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een voorstel in.

2. De Commissie dient wetgevingsvoorstellen voor de verdere beperking van de NOx- en de deeltjesemissie van zware bedrijfsvoertuigen aan het Europees Parlement en de Raad voor te leggen.

Zij gaat in voorkomend geval na of er een aanvullende grenswaarde voor het aantal en de grootte van de deeltjes moet worden vastgesteld, en, zo ja, neemt die in de voorstellen op.

3. De Commissie legt het Europees Parlement en de Raad een verslag voor over de vorderingen bij de onderhandelingen over een wereldwijd geharmoniseerde testcyclus (WHDC).

4. De Commissie legt het Europees Parlement en de Raad een verslag voor over de voorschriften voor de werking van een boordmeetsysteem (OBM-systeem). Op basis van dat verslag dient de Commissie, zo nodig , een voorstel in voor maatregelen, met inbegrip van de technische specificaties en de bijbehorende bijlagen, om te voorzien in de typegoedkeuring van OBM-systemen die ten minste een zelfde controleniveau bieden als OBD-systemen en daarmee compatibel zijn.

Vorige artikelen

Volgende artikelen