Art. 9 Verordening (EG) nr. 638/2004, In het kader van het systeem Intrastat te verzamelen gegevens
1. De nationale diensten verzamelen de volgende gegevens:
a) het identificatienummer dat aan de informatieplichtige is toegekend overeenkomstig artikel 22, lid 1, onder c), van de Zesde Richtlijn 77/388/EEG van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting - Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag(7);
b) de referentieperiode;
c) de aard van de beweging (aankomst, verzending);
d) de goederen, volgens de achtcijfercode van de gecombineerde nomenclatuur zoals vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief(8);
e) de partnerlidstaat;
f) de waarde van de goederen;
g) de hoeveelheid goederen;
h) de aard van de transactie.
De definities van de in de eerste alinea, onder e) tot en met h), vastgestelde statistische gegevens zijn opgenomen in de bijlage. De Commissie stelt zo nodig overeenkomstig de in artikel 14, lid 2 bedoelde procedure, nadere bepalingen vast aangaande het verzamelen van deze informatie, en in het bijzonder aangaande de te gebruiken codes.
2. De lidstaten kunnen ook andere gegevens verzamelen, zoals:
a) de identificatie van de goederen op een gedetailleerder niveau dan in de gecombineerde nomenclatuur;
b) het land van oorsprong, bij aankomsten;
c) het gebied van oorsprong, bij verzendingen, en het gebied van bestemming, bij aankomsten;
d) de leveringsvoorwaarden;
e) de wijze van vervoer;
f) het statistisch stelsel.
Definities van de onder b) tot en met f) bedoelde statistische gegevens zijn opgenomen in de bijlage. De Commissie stelt zo nodig volgens de in artikel 14, lid 2, bedoelde procedure nadere bepalingen vast aangaande het verzamelen van deze informatie, en in het bijzonder aangaande de te gebruiken codes.