Art. 3, Voorwaarden voor vrijstelling

1. Individuele steunmaatregelen die buiten een regeling vallen en voldoen aan alle voorwaarden van deze verordening, zijn verenigbaar met de gemeenschappelijke markt in de zin van artikel 87, lid 3, van het Verdrag en vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting van artikel 88, lid 3, van het Verdrag, op voorwaarde dat de beknopte informatie zoals bedoeld in artikel 19, lid 1, wordt verstrekt en uitdrukkelijk wordt verwezen naar deze verordening, onder vermelding van de titel ervan en de vindplaats in het Publicatieblad van de Europese Unie.

2. Steunregelingen die voldoen aan alle voorwaarden van deze verordening, zijn verenigbaar met de gemeenschappelijke markt in de zin van artikel 87, lid 3, van het Verdrag en vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting van artikel 88, lid 3, van het Verdrag, mits:

a) alle steun die op grond van een dergelijke regeling kan worden verleend, aan alle voorwaarden van deze verordening voldoet;

b) de regeling een uitdrukkelijke verwijzing naar deze verordening bevat, onder vermelding van de titel ervan en de vindplaats in het Publicatieblad van de Europese Unie;

c) de beknopte informatie zoals bedoeld in artikel 19, lid 1, wordt verstrekt.

3. Op grond van de in lid 2 bedoelde regelingen verleende steun is verenigbaar met de gemeenschappelijke markt in de zin van artikel 87, lid 3, onder c), van het Verdrag en is vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting van artikel 88, lid 3, van het Verdrag, op voorwaarde dat de verleende steun onmiddellijk aan alle voorwaarden van deze verordening voldoet.

Uitspraken die dit artikel aanhalen