Art. 3 Richtlijn 2004/114/EG, Werkingssfeer
1. Deze richtlijn geldt voor onderdanen van derde landen die verzoeken te worden toegelaten tot het grondgebied van een lidstaat om daar te studeren.
De lidstaten mogen ook besluiten deze richtlijn te laten gelden voor onderdanen van derde landen die met het oog op scholierenuitwisseling, onbezoldigde opleiding of vrijwilligerswerk verzoeken te worden toegelaten.
2. Deze richtlijn is niet van toepassing op:
a) onderdanen van derde landen die als asielzoeker in een lidstaat verblijven in het kader van subsidiaire vormen van bescherming of in het kader van regelingen voor tijdelijke bescherming;
b) onderdanen van derde landen wier uitzetting op feitelijke of juridische gronden werd opgeschort;
c) onderdanen van derde landen die gezinsleden van burgers van de Unie zijn die hun recht van vrij verkeer binnen de Gemeenschap hebben uitgeoefend;
d) onderdanen van derde landen die in een bepaalde lidstaat in het bezit zijn van de status van langdurig ingezetenen in de zin van Richtlijn 2003/109/EG van de Raad van 25 november 2003 betreffende de status van langdurig ingezeten onderdanen van derde landen (5) en die in een andere lidstaat hun recht van verblijf uitoefenen om daar een studie of een beroepsopleiding te volgen;
e) onderdanen van derde landen die volgens het recht van de lidstaat in kwestie gekwalificeerd zijn als werknemers of zelfstandigen.