Art. 6 Richtlijn 2004/108/EG, Geharmoniseerde normen
1. Onder „geharmoniseerde norm” dient te worden verstaan een technische specificatie, door een erkende Europese normalisatie-instantie in opdracht van de Commissie en volgens de procedures van Richtlijn 98/34/EG aangenomen, met het oog op de vaststelling van een Europese eis. De naleving van een geharmoniseerde norm is niet verplicht.
2. De overeenstemming van uitrusting met de toepasselijke geharmoniseerde normen waarvan de referenties zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie, dient van de kant van de lidstaten beschouwd te worden als een vermoeden van overeenstemming met de essentiële eisen van bijlage I waarop deze normen betrekking hebben. Dit vermoeden van overeenstemming is beperkt tot de werkingssfeer van de toegepaste geharmoniseerde norm(en) en de desbetreffende essentiële eisen waarop deze geharmoniseerde norm(en) betrekking hebben.
3. Wanneer een lidstaat of de Commissie van mening is dat een geharmoniseerde norm niet volledig beantwoordt aan de in bijlage I bedoelde essentiële eisen, legt die lidstaat of de Commissie de zaak, met uiteenzetting van de redenen, voor aan het bij Richtlijn 98/34/EG ingestelde permanent comité, hierna „het Comité” genoemd. Het Comité brengt onverwijld advies uit.
4. Bij ontvangst van het advies van het Comité neemt de Commissie een van de volgende besluiten met betrekking tot de referenties van de desbetreffende geharmoniseerde norm:
a) niet bekendmaken;
b) bekendmaken met restricties;
c) de referentie in het Publicatieblad van de Europese Unie handhaven;
d) de referentie uit het Publicatieblad van de Europese Unie verwijderen.
De Commissie stelt de lidstaten onverwijld in kennis van haar beslissing.