Art. 2 Richtlijn 2003/41/EG, Toepassingsgebied
1. Deze richtlijn is van toepassing op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening. Wanneer instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening overeenkomstig de nationale wetgeving geen rechtspersoonlijkheid hebben, passen de lidstaten deze richtlijn toe op deze instellingen of, onverminderd lid 2, op de vergunninghoudende lichamen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van deze instellingen en in hun naam handelen.
2. Deze richtlijn is niet van toepassing op:
a) instellingen die socialezekerheidsregelingen beheren welke onder Verordening (EEG) nr. 1408/71(5) en Verordening (EEG) nr. 574/72(6) van de Raad vallen;
b) instellingen die onder Richtlijn 73/239/EEG(7), Richtlijn 85/611/EEG(8), Richtlijn 93/22/EEG(9), Richtlijn 2000/12/EG(10) en Richtlijn 2002/83/EG(11) vallen;
c) instellingen die op basis van een omslagstelsel werken;
d) instellingen waarbij de werknemers van de bijdragende ondernemingen geen juridisch afdwingbare rechten op pensioenuitkeringen hebben, en waarbij de bijdragende onderneming de activa te allen tijde kan onttrekken en niet noodzakelijk hoeft te voldoen aan haar verplichtingen inzake de betaling van pensioenuitkeringen;
e) ondernemingen die boekreserves aanhouden teneinde hun werknemers pensioenuitkeringen te betalen.