Art. 4 Richtlijn 2002/95/EG, Preventie
1. De lidstaten dragen er zorg voor dat vanaf 1 juli 2006 nieuwe elektrische en elektronische apparatuur die op de markt wordt gebracht geen lood, kwik, cadmium, zeswaardig chroom, polybroombifenylen (PBB's) of polybroomdifenylethers (PBDE's) meer bevat. Nationale maatregelen om het gebruik van deze stoffen in elektrische en elektronische apparatuur te beperken of te verbieden, en die vóór de aanneming van de onderhavige richtlijn conform de communautaire wetgeving zijn aangenomen, kunnen tot 1 juli 2006 worden gehandhaafd.
2. Lid 1 geldt niet voor de in de bijlage genoemde toepassingen.
3. Zodra er wetenschappelijk bewijsmateriaal beschikbaar is, besluiten het Europees Parlement en de Raad, op basis van een voorstel van de Commissie, volgens de beginselen van het beleid voor chemische stoffen als vastgesteld in het 6e Milieuactieprogramma, over een verbod op andere gevaarlijke stoffen en de vervanging daarvan door milieuvriendelijker alternatieven die de consumenten ten minste hetzelfde beschermingsniveau bieden.