Art. 60 Verordening (EG) nr. 1623/2000, Door de distilleerder aan het interventiebureau over te leggen bewijsstukken
Verordening (EG) nr. 1623/2000
1. Om voor steun in aanmerking te komen, dient de distilleerder uiterlijk op 30 november volgende op het betrokken wijnoogstjaar bij het interventiebureau een aanvraag in met daarbij, voor de hoeveelheden waarvoor steun wordt gevraagd:
a) i) voor wijn en wijnmoer, een samenvatting van de leveringen van elke producent, waarin ten minste worden vermeld:
- de aard, de hoeveelheid, de kleur en het alcohol-volumegehalte,
- het nummer van het in artikel 70, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde document, wanneer dit document vereist is voor het vervoer van de producten tot de installaties van de distilleerder of, als dit niet zo is, een verwijzing naar het document dat wordt gebruikt op grond van de nationale bepalingen;
ii) voor draf van druiven, een lijst met de namen van de producenten die hen draf van druiven hebben geleverd en de hoeveelheden alcohol in de draf die is geleverd in het kader van de in artikel 27 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie;
b) een verklaring die is geviseerd door de bevoegde instantie die is aangewezen door de lidstaat en waarin ten minste worden vermeld:
i) de hoeveelheden product die zijn verkregen door de distillatie, uitgesplitst naar de categorieën product vermeld in artikel 43 van deze verordening,
ii) de datum waarop deze producten zijn vervaardigd;
c) het bewijs dat hij de producent binnen de vastgestelde termijn de minimumaankoopprijs in het kader van de betrokken distillatie heeft betaald.
De lidstaten kunnen evenwel, mits instemming vooraf van de Commissie, een vereenvoudigde regeling vaststellen voor de overlegging van het bewijs dat de minimumaankoopprijs in het kader van de distillatie van de bijproducten van de wijnbereiding is betaald.
2. Als de distillatie door de producent zelf wordt uitgevoerd, wordt de in lid 1 bedoelde documentatie vervangen door een verklaring die is geviseerd door de bevoegde instantie van de lidstaat en waarin ten minste worden vermeld:
a) de aard, de hoeveelheid, de kleur en het alcohol-volumegehalte van het te distilleren product,
b) de hoeveelheden van de door de distillatie verkregen producten, uitgesplitst naar de categorieën vermeld in artikel 43 van deze verordening,
c) de data waarop de producten zijn vervaardigd.
3. Het bewijs dat de minimumprijs is betaald, kan worden vervangen door het bewijs dat ten gunste van het interventiebureau een zekerheid is gesteld. Deze zekerheid bedraagt 120 % van de gevraagde steun.
In dat geval wordt het bewijs dat de distilleerder de in artikel 27, lid 9, of artikel 28, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde aankoopprijs volledig heeft betaald, uiterlijk aan het interventiebureau overgelegd op de laatste dag van de maand februari volgende op het betrokken wijnoogstjaar.
4. In het in artikel 47, lid 2, tweede alinea van deze verordening bedoelde geval wordt het bewijs dat de aankoopprijs betaald is, vervangen door het bewijs dat het voorschot betaald is.
5. Het interventiebureau betaalt de steun aan de distilleerder of, in de in lid 2 bedoelde gevallen, aan de producent, binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de dag waarop de aanvraag, vergezeld van de vereiste documenten, is ingediend.
6. Als wordt geconstateerd dat de distilleerder niet de aankoopprijs aan de producent heeft betaald, betaalt het interventiebureau de producent vóór 1 juni volgende op het betrokken wijnoogstjaar een bedrag dat gelijk is aan de steun, eventueel via het interventiebureau van de lidstaat van de producent.