Art. 2 Richtlijn 1999/93/EG, Definities
Voor de toepassing van deze richtlijn wordt verstaan onder:
1. "elektronische handtekening": elektronische gegevens die zijn vastgehecht aan of logisch geassocieerd zijn met andere elektronische gegevens en die worden gebruikt als middel voor authentificatie;
2. "geavanceerde elektronische handtekening": een elektronische handtekening die voldoet aan de volgende eisen:
a) zij is op unieke wijze aan de ondertekenaar verbonden;
b) zij maakt het mogelijk de ondertekenaar te identificeren;
c) zij komt tot stand met middelen die de ondertekenaar onder zijn uitsluitende controle kan houden; en
d) zij is op zodanige wijze aan de gegevens waarop zij betrekking heeft verbonden, dat elke wijziging achteraf van de gegevens kan worden opgespoord;
3. "ondertekenaar": een persoon die de beschikking heeft over een middel voor het aanmaken van handtekeningen en handelt hetzij uit eigen naam hetzij uit naam van de dienst of de natuurlijke of rechtspersoon die hij vertegenwoordigt;
4. "gegevens voor het aanmaken van handtekeningen": unieke gegevens, zoals codes of cryptografische privé-sleutels, die door de ondertekenaar worden gebruikt om een elektronische handtekening aan te maken;
5. "middel voor het aanmaken van handtekeningen": geconfigureerde software of hardware die wordt gebruikt om de gegevens voor het aanmaken van handtekeningen te implementeren;
6. "veilig middel voor het aanmaken van handtekeningen": een middel voor het aanmaken van handtekeningen dat voldoet aan de eisen van bijlage III;
7. "gegevens voor het verifiëren van een handtekening": gegevens, zoals codes of cryptografische openbare sleutels, die worden gebruikt voor het verifiëren van een elektronische handtekening;
8. "middel voor het verifiëren van een handtekening": geconfigureerde software of hardware die wordt gebruikt om de gegevens voor het verifiëren van een handtekening te implementeren;
9. "certificaat": een elektronische bevestiging die gegevens voor het verifiëren van een handtekening aan een bepaalde persoon verbindt en de identiteit van die persoon bevestigt;
10. "gekwalificeerd certificaat": een certificaat dat voldoet aan de eisen van bijlage I en is afgegeven door een certificatiedienstverlener die voldoet aan de eisen van bijlage II;
11. "certificatiedienstverlener": een dienst of een natuurlijke of rechtspersoon die certificaten afgeeft of andere diensten in verband met elektronische handtekeningen verleent;
12. "product voor elektronische handtekeningen": software of hardware, of relevante componenten daarvan, die door certificatiedienstverleners kunnen worden gebruikt om diensten op het gebied van elektronische handtekeningen te verlenen of die voor het aanmaken of verifiëren van elektronische handtekeningen kunnen worden gebruikt;
13. "vrijwillige accreditatie": een vergunning waarin de rechten en verplichtingen betreffende de verlening van certificatiediensten zijn vermeld en die op verzoek van de betrokken certificatiedienstverlener wordt afgegeven door de openbare of particuliere instantie die belast is met de vastlegging en de handhaving van die rechten en verplichtingen, wanneer de certificatiedienstverlener de uit de vergunning voortvloeiende rechten niet kan uitoefenen zolang hij het besluit van die instantie niet heeft ontvangen.