Art. 6 Richtlijn 94/62/EG
Terugwinning en recycling 1. Teneinde aan de doelstellingen van deze richtlijn te voldoen nemen de Lid-Staten maatregelen zodat voor hun hele grondgebied de volgende taakstellingen kunnen worden verwezenlijkt:
a) uiterlijk vijf jaar na de uiterste datum voor omzetting van deze richtlijn wordt ten minste 50 en ten hoogste 65 gewichtsprocent van het verpakkingsafval teruggewonnen;
b) binnen deze algemene taakstelling en binnen hetzelfde tijdsbestek wordt ten minste 25 en ten hoogste 45 gewichtsprocent van al het in verpakkingsafval aanwezige verpakkingsmateriaal gerecycleerd met en minimum van 15 gewichtsprocent voor elk verpakkingsmateriaal;
c) uiterlijk tien jaar na de uiterste datum voor de omzetting van deze richtlijn wordt een percentage van het verpakkingsafval teruggewonnen en gerecycleerd dat nader door de Raad zal worden bepaald volgens lid 3, onder b), met het doel de in de punten a) en b) genoemde streefcijfers aanzienlijk te verhogen.
2. De Lid-Staten bevorderen dat bij de produktie van verpakkingen en andere produkten materialen verkregen uit gerecycleerd verpakkingsafval worden gebruikt, wanneer zulks passend is.
3. a) Het Europees Parlement en de Raad evalueren op basis van een tussentijds verslag van de Commissie en vier jaar na de in lid 1, onder a), bedoelde datum op basis van een eindverslag de praktijkervaringen in de Lid-Staten met de uitvoering van de taakstellingen en doelstellingen van lid 1, onder a) en b), en lid 2, en de resultaten van wetenschappelijk onderzoek en evaluatietechnieken, zoals milieubalansen.
b) Uiterlijk zes maanden voor het einde van de in lid 1, onder a), bedoelde eerste fase van vijf jaar stelt de Raad, op voorstel van de Commissie, met gekwalificeerde meerderheid taakstellingen vast voor de tweede fase van vijf jaar, bedoeld in lid 1, onder c). Deze procedure zal daarna om de vijf jaar worden herhaald.
4. De Lid-Staten maken de maatregelen en taakstellingen, bedoeld in lid 1, onder a) en b), bekend en organiseren daarover een voorlichtingscampagne voor het publiek en de ondernemingen.
5. Griekenland, Ierland en Portugal mogen, in verband met hun specifieke situatie - te weten het grote aantal kleine eilanden, respectievelijk de aanwezigheid van plattelands- en berggebieden en het huidige lage consumptieniveau van verpakkingen - besluiten om:
a) uiterlijk vijf jaar na de toepassingsdatum van de richtlijn lagere taakstellingen te verwezenlijken dan die van lid 1, onder a) en b), maar zij moeten ten minste 25 % halen voor terugwinning;
b) tegelijkertijd de verwezenlijking van de taakstellingen van lid 1, onder a) en b), uit te stellen tot een latere datum, die echter niet na 31 december 2005 mag liggen.
6. De Lid-Staten die programma's hebben of zullen vaststellen, die verder gaan dan de taakstelling van lid 1, onder a) en b), en die daartoe voorzien in passende capaciteiten voor recycling en terugwinning, mogen die taakstellingen blijven nastreven in het belang van een hoog milieubeschermingsniveau op voorwaarde dat die maatregelen geen verstoringen van de interne markt veroorzaken en de naleving van de richtlijn door andere Lid-Staten niet bemoeilijken. De Lid-Staten stellen de Commissie daarvan in kennis. De Commissie bevestigt deze maatregelen, nadat zij zich, in samenwerking met de Lid-Staten, ervan heeft vergewist dat zij stroken met bovengenoemde overwegingen en geen willekeurig middel tot discriminatie of een verkapte beperking van de handel tussen Lid-Staten vormen.