Art. 1 Richtlijn 94/28/EG

Richtlijn 94/28/EG

1. Bij deze richtlijn worden de beginselen vastgesteld betreffende de zooetechnische en genealogische voorschriften voor de invoer uit derde landen van dieren, sperma, eicellen en embryo's die onder de Richtlijnen 77/504/EEG, 88/661/EEG, 89/361/EEG, 90/427/EEG en 91/174/EEG en de daarmee samenhangende communautaire uitvoeringsbesluiten vallen.

2. Deze richtlijn geldt onverminderd de communautaire veterinairrechtelijke voorschriften voor de invoer uit derde landen van dieren, sperma, eicellen en embryo's bedoeld in lid 1.

3. Deze richtlijn laat de volgende terreinen onverlet:

- de toepassing van de regels voor bepaalde stoffen met hormonale of thyreostatische werking en voor B-agonisten in de veehouderij;

- de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's die onder de in lid 1 genoemde richtlijnen vallen en bestemd zijn voor technische of wetenschappelijke experimenten die onder controle van de bevoegde autoriteiten worden uitgevoerd.

4. De invoer van dieren, met inbegrip van dieren die niet onder lid 1 vallen, eicellen en embryo's mag niet worden verboden, beperkt of belemmerd om andere zooetechnische of genealogische redenen dan die welke uit de toepassing van deze richtlijn voortvloeien. Wat betreft de invoer van sperma van dieren dat niet onder lid 1 valt, blijven de nationale zooetechnische of genealogische voorschriften evenwel van toepassing in afwachting van de aanneming van communautaire voorschriften.

Volgende artikelen