Art. 83 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Vervanging van een of meer certificaten van oorsprong formulier A door een of meer andere certificaten is steeds mogelijk, voor zover dit geschiedt door de douaneautoriteiten in de Gemeenschap die belast zijn met het toezicht op de produkten.

2. Het certificaat dat met toepassing van dit artikel of artikel 80 ter vervanging wordt afgegeven wordt beschouwd als het definitieve certificaat van oorsprong voor de daarin vermelde produkten. Het vervangende certificaat wordt afgegeven op schriftelijk verzoek van degene die de produkten wederuitvoert.

3. In het vak rechts bovenaan op het vervangingscertificaat wordt de naam vermeld van het land van doorvoer waar het is afgegeven.

In vak 4 wordt "certificat de remplacement" of "replacement certificate" geschreven, alsmede de datum en het volgnummer van het oorspronkelijke certificaat van oorsprong.

In vak 1 wordt de naam vermeld van degene die de produkten wederuitvoert.

In vak 2 wordt de naam vermeld van degene voor wie de produkten uiteindelijk zijn bestemd.

In de vakken 3 tot en met 9 worden alle gegevens met betrekking tot de wederuitgevoerde produkten van het oorspronkelijke certificaat overgenomen.

In vak 10 wordt een verwijzing opgenomen naar de factuur van degene die de produkten wederuitvoert.

De autoriteit die het vervangende certificaat afgeeft, brengt haar visum aan in vak 11. De verantwoordelijkheid van deze autoriteit gaat niet verder dan de afgifte van het vervangende certificaat.

De vermeldingen in vak 12 betreffende het land van oorsprong en het land van bestemming worden van het oorspronkelijke certificaat overgenomen. Degene die de produkten wederuitvoert, brengt in dit vak zijn handtekening aan. Wanneer hij dit te goeder trouw doet, is hij niet verantwoordelijk voor eventuele onjuistheden op het oorspronkelijke certificaat.

4. Het douanekantoor dat het vervangende certificaat afgeeft, vermeldt op het oorspronkelijke certificaat gewicht, aantal en aard van de verzonden goederen, alsmede de volgnummers van het overeenkomstige vervangende certificaat of de overeenkomstige vervangende certificaten. Het oorspronkelijke certificaat wordt ten minste twee jaar door het betrokken douanekantoor bewaard.

5. Een fotokopie van het oorspronkelijke certificaat kan bij het vervangende certificaat worden gevoegd.