Art. 706 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. De in artikel 705, leden 1 en 2, bedoelde aangifte wordt gedaan overeenkomstig de bepalingen inzake de desbetreffende douanebestemming.
2. De omschrijving van de invoergoederen in de in lid 1 bedoelde aangifte dient overeen te stemmen met die in de vergunning.
3. Bij toepassing van artikel 705, lid 3, vervult het kantoor van aanzuivering de volgende formaliteiten:
a) het vult de stam en vak H van de wederuitvoerstrook in;
b) het behoudt de wederuitvoerstrook en zendt deze onverwijld naar het in vak H, onder e), van deze strook vermelde kantoor terug.
c) Vereenvoudigde procedures