Art. 602 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. Het overeenkomstig artikel 601, lid 2, opgestelde inlichtingenblad INF 5 wordt overgelegd bij het indienen van de aangifte ten uitvoer van de veredelingsprodukten bij het douanekantoor waar de formaliteiten voor de uitvoer worden vervuld.
2. Het douanekantoor dat de aangifte ten uitvoer heeft aanvaard en via hetwelk de produkten het douanegebied van de Gemeenschap verlaten, tekent de vakken 9 en 10 van het inlichtingenblad INF 5 af, behoudt kopie nr. 1 en geeft het origineel en de andere kopieën aan de aangever terug.
Indien dit douanekantoor niet het controlekantoor is, dan zendt dit douanekantoor kopie nr. 1, na aftekening, naar het controlekantoor.
3. Wanneer de produkten het douanegebied van de Gemeenschap verlaten via een ander douanekantoor dan het kantoor waar de aangifte ten uitvoer is aanvaard, worden de veredelingsprodukten met toepassing van de regeling extern communautair douanevervoer buiten het douanegebied gebracht.
Op het voor deze regeling gebruikte document wordt in het vak dat voor de omschrijving van de goederen is bestemd een van de in artikel 610, lid 1, bedoelde aantekeningen aangebracht, waaraan de afkorting "EX-IM" wordt toegevoegd.
In het in dit lid bedoelde geval vult het douanekantoor waar de aangifte ten uitvoer is aanvaard vak 9 in met de gegevens met betrekking tot het document T 1 alsook het teken "T 1". Het douanekantoor van uitgang vult vak 10 in, zendt kopie nr. 1 naar het controlekantoor en geeft het origineel en de andere kopieën terug aan de aangever.
4. De in lid 3 bedoelde produkten mogen geen andere bestemming krijgen dan rechtstreekse uitvoer naar derde landen.