Art. 173 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Voor het bepalen van de douanewaarde van de in bijlage 26 genoemde produkten, stelt de Commissie voor elke rubriek van de klasse-indeling een eenheidswaarde per 100 kg nettogewicht vast, uitgedrukt in de munteenheden van de Lid-Staten.

De eenheidswaarden worden toegepast gedurende tijdvakken van telkens 14 dagen, beginnende op een vrijdag.

2. De eenheidswaarden worden vastgesteld op de grondslag van de volgende gegevens die door de Lid-Staten per rubriek van de klasse-indeling aan de Commissie worden verstrekt:

a) de gemiddelde eenheidsprijs franco grens, vóór vrijmaking, uitgedrukt in de munteenheid van de betrokken Lid-Staat, per 100 kg nettogewicht, en berekend uitgaande van de prijzen die gedurende het referentietijdvak bedoeld in artikel 174, lid 1, voor niet-beschadigde partijen in de in bijlage 27 vermelde handelscentra zijn opgenomen;

b) de per kalenderjaar in het vrije verkeer gebrachte hoeveelheden welke zijn onderworpen aan de heffing van rechten bij invoer.

3. De gemiddelde eenheidsprijs franco grens, vóór vrijmaking, wordt berekend uitgaande van de tussen importeurs en grossiers tot stand gekomen bruto verkoopprijzen. Voor de in de handelscentra Londen, Milaan en Rungis genoteerde bruto verkoopprijzen wordt echter het handelsniveau van de in die centra meest gebruikelijke verkopen in aanmerking genomen.

De aldus verkregen cijfers worden verminderd:

- met een handelsmarge van 15 % voor de handelscentra Londen, Milaan en Rungis en met 8 % voor de andere handelscentra;

- met de kosten van vervoer en verzekering binnen het douanegebied;

- met een forfaitair bedrag van 5 ecu voor alle overige kosten die niet in de douanewaarde moeten worden begrepen.

Dit bedrag wordt omgerekend in de munteenheden van de Lid-Staten op basis van de laatst geldende koersen vastgesteld overeenkomstig artikel 18 van het Wetboek;

- met de rechten bij invoer en andere heffingen die niet in de douanewaarde moeten worden begrepen.

4. Voor de overeenkomstig lid 3 in mindering te brengen kosten van vervoer en verzekering kunnen de Lid-Staten forfaitaire bedragen vaststellen. Deze bedragen, alsmede de wijze waarop zij zijn berekend, worden onverwijld ter kennis van de Commissie gebracht.