Art. 16 Verordening (EEG) nr. 793/93, Vertrouwelijkheid van de gegevens
1. Indien er zich volgens de fabrikant of importeur problemen voordoen in verband met de vertrouwelijkheid, kan hij aangeven dat bepaalde krachtens de artikelen 3, 4, 7 en 12 te verstrekken gegevens die hij commercieel gevoelig acht en waarvan de verspreiding hem uit industrieel of commercieel oogpunt schade zou kunnen berokkenen, voor iedereen, behalve de Lid-Staten en de Commissie, geheim moeten blijven. Deze mededeling moet met redenen worden omkleed.
Industriële en commerciële geheimhouding zijn niet van toepassing op:
- de naam van de stof volgens de EINECS;
- de naam van de fabrikant of importeur;
- de fysisch-chemische gegevens van de stof en de gegevens over afbraak en verspreiding in het milieu;
- de samenvatting van de resultaten van het toxicologisch en ecotoxicologisch onderzoek, met name de gegevens over de carcinogeniteit en de mutageniteit en/of de toxiciteit van de stof in de voortplantingsfase;
- alle informatie over de methoden en voorzorgsmaatregelen betreffende de stof en de noodmaatregelen;
- alle informatie die, ingeval zij niet wordt verstrekt, kan leiden tot onnodige uitvoering of herhaling van dierproeven;
- de analysemethoden waardoor een gevaarlijke stof kan worden gevolgd nadat zij in het milieu is gebracht en waardoor de rechtstreekse blootstelling van de mens aan deze stof kan worden bepaald.
Indien de fabrikant of importeur aanvankelijk vertrouwelijke informatie later zelf openbaar maakt, moet hij de bevoegde instantie daarvan op de hoogte stellen.
2. De instantie die de informatie heeft ontvangen, besluit op eigen verantwoordelijkheid welke inlichtingen overeenkomstig lid 1 onder de industriële en commerciële geheimhouding vallen.
Informatie die vertrouwelijk wordt geacht door de instantie die de informatie ontvangt, moet als zodanig worden behandeld door de andere instanties.