Art. 1 Verordening (EEG) nr. 3508/92
1. Elke Lid-Staat voert een geïntegreerd beheers- en controlesysteem in, hierna "geïntegreerd systeem" genoemd, dat van toepassing is op:
a) in de sector van de plantaardige produktie:
- de steunregeling voor producenten van bepaalde akkerbouwgewassen, ingesteld bij Verordening (EEG) nr. 1765/92 (7),
b) in de sector van de dierlijke produktie:
- de regelingen inzake de premie voor producenten van rundvlees, ingesteld bij artikel 4, onder a) tot en met h), van Verordening (EEG) nr. 805/68 (8),
- de regeling inzake de premie voor producenten van schapevlees, ingesteld bij Verordening (EEG) nr. 3013/89 (9),
- de specifieke maatregelen ten gunste van de landbouw in bergstreken en in sommige probleemgebieden, ingesteld bij Verordening (EEG) nr. 2328/91 (10), welke maatregelen betrekking hebben op de compenserende vergoeding voor de rundvleesproduktie, de schape- en geitevleesproduktie en de paardenhouderij,
hierna "communautaire regelingen" genoemd.
2. De Raad kan, op voorstel van de Commissie, met gekwalificeerde meerderheid van stemmen het toepassingsgebied van het geïntegreerd systeem uitbreiden tot andere communautaire steunregelingen.
3. Voor de toepassing van communautaire steunregelingen die niet onder deze verordening vallen, en onverminderd de bijzondere bepalingen van die regelingen, met name wat de voorwaarden voor de toekenning van de steun betreft, mogen de Lid-Staten in hun beheers- en controlesysteem een of meer administratieve, technische of informatietechnische elementen van het geïntegreerd systeem opnemen.
De Lid-Staten kunnen deze mogelijkheid uitbreiden tot nationale regelingen. Zij mogen de gegevens van het geïntegreerd systeem voor statistische doeleinden gebruiken.
Voordat zij van deze mogelijkheden gebruik maken, dienen de Lid-Staten de Commissie daarover tijdig te informeren.
De Commissie ziet erop toe dat de toepassing van deze mogelijkheid geen afbreuk doet aan de naleving van de bepalingen van de sectoriële verordeningen en van de onderhavige verordening.
4. Onverminderd de specifieke bepalingen in het kader van de in lid 1 bedoelde regelingen, wordt in deze verordening verstaan onder:
- "bedrijfshoofd": de individuele landbouwproducent, natuurlijke of rechtspersoon dan wel groep natuurlijke of rechtspersonen, ongeacht de rechtspositie van de groep en haar leden volgens het nationale recht, waarvan het bedrijf zich bevindt op het grondgebied van de Gemeenschap;
- "bedrijf": het geheel van de produktie-eenheden dat door het bedrijfshoofd wordt beheerd en zich bevindt op het grondgebied van een Lid-Staat;
- "perceel landbouwgrond": een ononderbroken stuk grond waarop één enkel gewas wordt geteeld door één enkel bedrijfshoofd. De Commissie stelt volgens de procedure van artikel 12 de uitvoeringsbepalingen vast betreffende specifieke wijzen waarop percelen landbouwgrond worden gebruikt, met name de bepalingen betreffende mengteelt en gemeenschappelijk gebruikte oppervlakten.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 28 april 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AO9587
- Rb. 's-Hertogenbosch 1 februari 2008, ECLI:NL:RBSHE:2008:BC3985
- CBb 12 mei 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM6071
- CBb 5 september 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BB3575
- CBb 23 april 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA4736
- CBb 18 april 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA4719
- CBb 12 maart 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA0998
- CBb 10 januari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ9441
- CBb 15 januari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ7201
- CBb 15 januari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ7197
- CBb 15 januari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ7194
- CBb 15 januari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ7191
- CBb 15 december 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AZ5797
- CBb 15 november 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AZ3294
- CBb 19 september 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AY9793
- CBb 19 september 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AY9791
- CBb 19 september 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AY9789
- CBb 1 september 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AY9553
- CBb 1 september 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AY9551
- CBb 1 september 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AY9543