Art. 13 Richtlijn 92/44/EEG

Richtlijn 92/44/EEG

Uitstel van bepaalde verplichtingen 1. Indien een Lid-Staat niet in staat is of voorziet niet in staat te zullen zijn om aan de eisen van artikel 7, lid 1 of lid 2, of artikel 10, lid 1 of lid 2, te voldoen, stelt hij de Commissie van de redenen daarvan in kennis.

2. Uitstel van de verplichtingen op grond van artikel 6, lid 1 en lid 2, kan uitsluitend worden verleend in het geval dat de betrokken Lid-Staat kan aantonen dat de verplichtingen die uit dat artikel voortvloeien voor de telecommunicatieorganisatie in die Lid-Staat een te zware last met zich brengen als gevolg van de huidige staat van ontwikkeling van zijn openbare telecommunicatienet of de marktvraag.

3. Uitstel van de verplichtingen op grond van artikel 10, lid 1, lid 2 en lid 3, kan uitsluitend worden verleend in het geval dat de betrokken Lid-Staat kan aantonen dat voldoening aan de betreffende eisen een te zware last oplegt aan de telecommunicatieorganisatie in die Lid-Staat.

4. De Lid-Staat stelt de Commissie in kennis van de termijn waarin aan de eisen kan worden voldaan, alsmede van de overwogen maatregelen om die termijn na te leven.

5. Wanneer de Commissie van een Lid-Staat een kennisgeving overeenkomstig lid 1 van dit artikel ontvangt, deelt zij de Lid-Staat mee of het, volgens haar, gezien de bijzondere situatie van de betrokken Lid-Staat, op basis van de criteria van de in de leden 2 en 3 aangehaalde criteria gerechtvaardigd is de toepassing van artikel 7, lid 1 of lid 2, of artikel 10, lid 1 of lid 2, voor deze Lid-Staat uit te stellen en deelt zij mede tot wanneer dat uitstel gerechtvaardigd is.

6. Er kan geen uitstel op grond van lid 2 van dit artikel worden verleend indien het feit dat niet aan artikel 7 wordt voldaan, voortvloeit uit activiteiten van telecommunicatieorganisaties van de betreffende Lid-Staat op gebieden waar mededinging in de zin van het Gemeenschapsrecht plaatsvindt.

Vorige artikelen

Volgende artikelen