Art. 6 Richtlijn 91/676/EEG

Richtlijn 91/676/EEG

1. Met het oog op de aanwijzing van kwetsbare zones en de herziening van de desbetreffende lijst dienen de Lid-Staten:

a) binnen twee jaar na kennisgeving van deze richtlijn de nitraatconcentratie in zoet water gedurende één jaar te controleren:

i) in de oppervlaktewatermeetstations vastgesteld in artikel 5, lid 4, van Richtlijn 75/440/EEG, en/of in andere meetstations die representatief zijn voor het oppervlaktewater van de Lid-Staten ten minste eenmaal per maand, doch vaker gedurende periodes van hoge waterstand;

ii) in meetstations die representatief zijn voor de grondwaterlagen van de Lid-Staten met geregelde tussenpozen, rekening houdend met de bepalingen van Richtlijn 80/778/EEG;

b) het onder a) aangegeven controleprogramma ten minste om de vier jaar te herhalen, behalve in de meetstations waar de nitraatconcentratie in alle eerder genomen monsters minder dan 25 mg/l bedroeg en nadien geen nieuw factor is opgetreden die het nitraatgehalte kan doen stijgen; het controleprogramma hoeft dan slechts om de acht jaar te worden herhaald;

c) om de vier jaar de staat van eutrofiëring van oppervlaktewater, estuaria en kustwater na te gaan.

2. Er wordt gebruik gemaakt van de in bijlage IV genoemde referentiemeetmethoden.