Art. 2 Richtlijn 90/387/EEG

Richtlijn 90/387/EEG

In deze richtlijn wordt verstaan onder:

1. "Telecommunicatieorganisaties'': openbare of particuliere lichamen waaraan door een Lid-Staat bijzondere of uitsluitende rechten zijn verleend om openbare telecommunicatienetten aan te leggen en, in voorkomende gevallen, om openbare telecommunicatiediensten aan te bieden.

Voor de toepassing van deze richtlijn delen de Lid-Staten aan de Commissie mede aan welke lichamen zij bijzondere of uitsluitende rechten hebben verleend;

2. "Bijzondere of uitsluitende rechten'': de rechten die door een Lid-Staat of een overheidsinstelling op grond van wettelijke of bestuursrechtelijke maatregelen zijn verleend aan een of meer openbare of particuliere lichamen, uit hoofde waarvan aan hen het recht om bepaalde diensten aan te bieden of bepaalde activiteiten te ontplooien, is voorbehouden;

3. "Openbaar telecommunicatienet'': de openbare telecommunicatie-infrastructuur die het transport mogelijk maakt van signalen tussen gedefinieerde netwerkaansluitpunten via draadverbindingen, microgolfsystemen, optische middelen of andere elektromagnetische middelen;

4. - "Telecommunicatiediensten'': diensten die geheel of gedeeltelijk bestaan in de overdracht en routering van signalen over een telecommunicatienet via telecommunicatieprocédés, met uitzondering van radio-omroep en televisie;

- "Openbare telecommunicatiediensten'': telecommunicatiediensten waarvan de Lid-Staten het aanbod met name aan een of meer telecommunicatieorganisaties specifiek hebben opgedragen;

5. "Netwerkaansluitpunt'': het geheel van fysieke verbindingen, met hun technische toegangsspecificaties, dat deel uitmaakt van het openbaar telecommunicatienet en dat noodzakelijk is om toegang te verkrijgen tot dit openbaar netwerk en om efficiënt via dit netwerk te kunnen communiceren;

6. "Essentiële eisen'': redenen van algemeen belang en van niet-economische aard die een Lid-Staat ertoe kunnen bewegen de toegang tot het openbare telecommunicatienetwerk of de openbare telecommunicatiediensten te beperken. Deze redenen zijn de veiligheid van het functioneren van het netwerk, het behoud van netwerkintegriteit en, in gerechtvaardigde gevallen, de interoperabiliteit van de diensten en de bescherming van gegevens.

Gegevensbescherming kan bestaan uit de bescherming van persoonlijke gegevens, het vertrouwelijk karakter van informatie die wordt doorgegeven en/of opgeslagen, alsmede de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;

7. "Spraaktelefoondienst'': de commerciële exploitatie ten behoeve van het publiek van direct transport van spraak

in real-time via het (de) geschakelde openbare netwerk(en), waarbij iedere gebruiker gebruik kan maken van op een aansluitpunt van een netwerk aangesloten apparatuur, ten einde te communiceren met een gebruiker die gebruik maakt van op een ander aansluitpunt aangesloten apparatuur;

8. "Telexdienst'': de commerciële exploitatie ten behoeve van het publiek van direct transport van telexberichten, overeenkomstig de toepasselijke aanbeveling van de Internationale Raadgevende Commissie inzake telegrafie en telefonie (CCITT) via het (de) geschakelde openbare netwerk(en), waarbij iedere gebruiker gebruik kan maken van op een aansluitpunt van een netwerk aangesloten apparatuur om te communiceren met een gebruiker die gebruik maakt van op een ander aansluitpunt aangesloten apparatuur;

9. "Pakket- en circuitgeschakelde datatransmissie'': de commerciële exploitatie ten behoeve van het publiek van direct datatransport via het (de) geschakelde openbare netwerk(en), waarbij apparatuur die is aangesloten op een aansluitpunt van een netwerk kan communiceren met op een ander aansluitpunt aangesloten apparatuur;

10. "Voorwaarden voor Open Network Provision'': het geheel van de overeenkomstig deze richtlijn geharmoniseerde voorwaarden die betrekking hebben op open en efficiënte toegang tot en gebruik van openbare telecommunicatienetwerken en, indien van toepassing, openbare telecommunicatiediensten, hierna genoemd "ONP-voorwaarden''.

Onverminderd de toepassing ervan per geval kunnen de ONP-voorwaarden geharmoniseerde voorwaarden omvatten met betrekking tot:

- technische interfaces, met inbegrip, in voorkomend geval, van de benodigde definitie en implementatie van netwerkaansluitpunten,

- gebruiksvoorwaarden, met inbegrip, in voorkomend geval, van de benodigde toegang tot frequenties,

- tariefbeginselen;

11. "Technische specificaties'', "normen'' en "eindapparatuur'': de in artikel 2 van Richtlijn 86/361/EEG omschreven begrippen.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen