Art. 3 Richtlijn 89/665/EEG
1. De Commissie kan de procedure van dit artikel hanteren, wanneer zij vóór de sluiting van een overeenkomst van oordeel is dat er tijdens de aanbestedingsprocedure die valt onder de werkingssfeer van de Richtlijnen 71/305/EEG en 77 /62/EEG, een duidelijke en kennelijke schending van de communautaire voorschriften inzake overheidsopdrachten heeft plaatsgevonden .
2. De Commissie geeft de betrokken Lid-Staat en de betrokken aanbestedende dienst kennis van de redenen waarom zij meent dat er een duidelijke en kennelijke schending heeft plaatsgevonden en zij vraagt om deze ongedaan te maken .
3. Binnen 21 dagen na ontvangst van de in lid 2 bedoelde kennisgeving, deelt de betrokken Lid-Staat aan de Commissie mee :
a) de bevestiging dat de schending ongedaan is gemaakt; of
b) een met redenen omklede conclusie waarin toegelicht wordt waarom geen corrigerende actie is ondernomen; of
c) een kennisgeving waarin wordt meegedeeld dat de aanbestedingsprocedure hetzij op initiatief van de aanbestedende dienst hetzij in het kader van de uitoefening van de in artikel 2, lid 1, onder a ), vermelde bevoegdheden is opgeschort .
4. Een met redenen omklede conclusie in de zin van lid 3, onder b ), kan met name worden gebaseerd op het feit dat tegen de beweerde schending beroep bij een rechter of een beroep als bedoeld in artikel 2, lid 8, is ingesteld . In dat geval deelt de Lid-Staat de Commissie het resultaat van deze procedures mee, zodra dit bekend is .
5. In geval van kennisgeving waarbij wordt meegedeeld dat een aanbestedingsprocedure is opgeschort overeenkomstig lid 3, onder c ), stelt de Lid-Staat de Commissie ervan in kennis dat de opschorting is ingetrokken of dat een andere aanbestedingsprocedure is ingeleid die geheel of gedeeltelijk verband houdt met de voorafgaande procedure . Deze nieuwe kennisgeving moet bevestigen dat de beweerde schending ongedaan is gemaakt, of moet een met redenen omklede conclusie bevatten waarin toegelicht wordt waarom geen corrigerende actie heeft plaatsgevonden .