Art. 49 Verordening (EEG) nr. 918/83

Verordening (EEG) nr. 918/83

1. De Lid-Staten kunnen de waarde en/of de hoeveelheden van de vrij te stellen goederen beperken wanneer deze worden ingevoerd door :

- personen die in het grensgebied wonen ;

- grensarbeiders ;

- personeel van vervoermiddelen die in het verkeer tussen derde landen en de Gemeenschap worden gebruikt .

Deze beperkingen zijn niet van toepassing wanneer de personen die in het grensgebied wonen , het bewijs leveren dat zij niet terugkeren uit het grensgebied van het aangrenzende derde land . Zij blijven evenwel van toepassing op grensarbeiders en personeel van vervoermiddelen die in het verkeer tussen derde landen en de Gemeenschap worden gebruikt , wanneer zij goederen invoeren ter gelegenheid van een verplaatsing in het kader van hun beroepsactiviteit .

2. Voor de toepassing van het bepaalde in lid 1 wordt verstaan onder :

- " grensgebied " : onverminderd de ter zake bestaande overeenkomsten , een gebied waarvan de breedte maximaal vijftien kilometer in rechten lijn , gemeten vanaf de grens , mag bedragen . Gemeenten welke gedeeltelijk binnen het grensgebied vallen , moeten tot dat gebied worden gerekend ;

- " grensarbeider " : ieder die zich voor zijn gewone werkzaamheden op zijn werkdagen naar de andere zijde van de grens dient te begeven .

Uitspraken die dit artikel aanhalen