Art. 41 Richtlijn 83/181/EEG
1. Onder voorbehoud van het bepaalde in de artikelen 42 tot en met 44 wordt vrijstelling verleend voor :
a) goederen die in primaire levensbehoeften voorzien , die gratis zijn verkregen en die worden ingevoerd door overheids - of andere instellingen met een liefdadig of filantropisch karakter welke door de bevoegde autoriteiten zijn erkend , ten einde gratis aan behoeftigen te worden uitgereikt ;
b) goederen van ongeacht welke aard die door een in een ander land dan de Lid-Staat van invoer gevestigd persoon of organisatie gratis en zonder enige commerciële bijbedoeling van de zijde van de gever , worden toegezonden aan openbare of door de bevoegde autoriteiten erkende instellingen met een liefdadig of filantropisch karakter om financiële middelen in te zamelen tijdens incidentele liefdadigheidsevenementen ten bate van behoeftigen ;
c) materieel , uitrusting en kantoorartikelen die door een in een ander land dan de Lid-Staat van invoer gevestigde persoon of organisatie gratis , en zonder enige commerciële bijbedoeling van de zijde van de gever , worden toegezonden aan door de bevoegde autoriteiten erkende instellingen met een liefdadig of filantropisch karakter , ten einde uitsluitend te worden gebruikt voor hun eigen werking en voor de verwezenlijking van het door hen nagestreefde liefdadige of filantropische doel .
2. In de zin van lid 1 , sub a ) , wordt onder " goederen die in primaire levensbehoeften voorzien " verstaan , goederen die absoluut noodzakelijk zijn om te voorzien in de onmiddellijke behoeften van personen , zoals levensmiddelen , geneesmiddelen , kleding en dekens .