Art. 10 Verordening (EEG) nr. 137/79

Verordening (EEG) nr. 137/79

1. Het origineel van het document T 2 M dat is opgesteld onder de voorwaarden als bepaald in artikel 5 en , in voorkomend geval , in de artikelen 6 tot en met 9 dient te worden overgelegd aan het douanekantoor waar de in artikel 1 bedoelde gevangen produkten of verkregen produkten waarop het document betrekking heeft , worden aangegeven ten einde onder een douaneregeling te worden geplaatst . Genoemde autoriteiten kunnen van dit document een vertaling eisen . Zij kunnen bovendien , met het oog op de controle van de juistheid van de op het document T 2 M voorkomende vermeldingen , de overlegging eisen van alle dienstige documenten en met name van de scheepsdocumenten van de in artikel 2 , sub a ) , b ) en c ) , bedoelde vaartuigen .

2. Wanneer de in artikel 1 bedoelde gevangen produkten of verkregen produkten waarop het document T 2 M betrekking heeft , in een buiten de Gemeenschap gelegen land of gebied hebben verbleven , is voornoemd document slechts geldig voor zover het vergezeld gaat van een door de douane-autoriteiten van dit land of gebied afgegeven verklaring .

In deze verklaring dient te worden vermeld :

a) dat de gevangen produkten of de verkregen produkten waarop genoemd document betrekking heeft , gedurende de gehele duur van hun verblijf in het betrokken land of gebied onder douanetoezicht hebben gestaan en dat zij aldaar geen andere behandelingen hebben ondergaan dan die welke voor hun bewaring vereist zijn ;

b) de datum van aankomst en van vertrek van de gevangen produkten of de verkregen produkten evenals de nauwkeurige aanduiding van het vervoermiddel waarmede de produkten naar de Gemeenschap worden doorverzonden .

Bij ontstentenis van deze verklaring kunnen de douane-autoriteiten van de Lid-Staat waar de visserijprodukten worden binnengebracht elk ander document aanvaarden dat als gelijkwaardig is erkend .