Art. 4 Richtlijn 75/439/EEG
De Lid-Staten nemen de nodige maatregelen om te komen tot een verbod van :
1. het lozen van afgewerkte olie in binnenoppervlaktewateren , onderaardse wateren , kustwateren en leidingen ;
2. het bewaren en/of het verwijderen van afgewerkte olie die een schadelijke uitwerking heeft op de bodem , alsmede het ongecontroleerd storten van residu's afkomstig van de verwerking van afgewerkte olie ;
3. het behandelen van afgewerkte olie dat luchtverontreiniging veroorzaakt uitgaande boven het bij de geldende bepalingen vastgestelde niveau .