Art. 10 Richtlijn 75/324/EEG
1. Indien een Lid-Staat op de grondslag van een uitvoerige motivering constateert dat een of meer aërosols, hoewel zij voldoen aan de voorschriften van deze richtlijn, gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid, kan deze Staat het op de markt brengen van deze aërosols op zijn grondgebied voorlopig verbieden of aan bijzondere voorwaarden onderwerpen. Hij stelt hiervan onmiddellijk de overige Lid-Staten en de Commissie in kennis onder aanvoering van de motieven van zijn besluit.
2. Binnen een termijn van zes weken pleegt de Commissie overleg met de betrokken Lid-Staten ; zij brengt vervolgens onverwijld advies uit en treft de passende maatregelen.
3. Indien de Commissie van oordeel is dat er in deze richtlijn technische aanpassingen moeten worden aangebracht, worden deze aanpassingen door de Commissie of door de Raad vastgesteld volgens de procedure van artikel 7 ; in dat geval kan de Lid-Staat die de vrijwaringsmaatregelen heeft getroffen, deze handhaven totdat genoemde aanpassingen van kracht worden.