ABRvS 29 april 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2402

Bij besluit van 28 juli 2022 heeft het college een omgevingsvergunning verleend aan [vergunninghouder] voor het legaliseren van een bijgebouw, in afwijking van het bestemmingsplan, met opstelplaatsen voor een warmtepomp, twee airco-units en een scherm op perceel [locatie] in Prinsenbeek. [partij B] en [partij A] hebben een bouwwerk gerealiseerd aan de [locatie]. Het college heeft dit bouwwerk aangemerkt als een bijbehorend bouwwerk en in verband met de overschrijding van de maximaal toegestane oppervlakte met 34 m² en het niet voldoen aan de minimale afstand tot de zijdelingse perceelsgrens een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2˚, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en artikel 4, aanhef en onderdeel 1, van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de "Beleidsregels voor het afwijken van een bestemmingsplan Breda 2015" (de beleidsregels). Omdat er volgens [appellant A] en [appellant B] met het bouwwerk een tweede zelfstandige woning is gerealiseerd, had volgens hen de omgevingsvergunning niet verleend mogen worden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken