ABRvS 14 januari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:223

Bij besluit van 25 november 2021 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat de aanvraag van [appellant] om een monsterboekje afgewezen. [appellant] heeft bij het Kiwa Register een aanvraag gedaan voor een Nederlands monsterboekje. In een monsterboekje staan gegevens over de werkervaring en opleidingen van een zeevarende en het is een verplicht document voor registratie en identificatie van een zeevarende. De minister heeft de aanvraag afgewezen omdat [appellant] niet voldoet aan de eisen voor het afgeven van een monsterboekje. De rechtbank heeft overwogen dat de minister beoordelingsruimte heeft bij het afgeven van een monsterboekje en dat de minister zijn bevoegdheid niet heeft overschreden. Volgens de rechtbank heeft [appellant] niet onderbouwd dat hij een monsterboekje nodig heeft voor de uitoefening van zijn beroep, omdat hij geen bewijsstukken heeft overgelegd die aantonen dat hij werkzaam is of zal zijn op zee. Een vaarbevoegdheidsbewijs is naar het oordeel van de rechtbank geen bewijsstuk. Het beoordelingskader voor een vaarbevoegdheidsbewijs is anders dan die voor een monsterboekje.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen