ABRvS 14 januari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:213

Bij besluit van 17 februari 2022 heeft de burgemeester van Almelo de woning aan de [locatie] te Almelo met ingang van 24 februari 2022 voor zes maanden gesloten. [appellant] woonde in de woning aan de [locatie] te Almelo. Op 22 december 2021 heeft de burgemeester van de politie een bestuurlijke rapportage ontvangen. Hieruit blijkt dat er op 29 november 2021 in het kader van een strafrechtelijk onderzoek een doorzoeking heeft plaatsgevonden in de woning. Tijdens die doorzoeking is in de woning het volgende aangetroffen: een vuurwapen, een zak met netto 126,52 gram cannabis, drie zakken met in totaal 149,81 gram amfetamine, meer dan 20 gripzakjes, cannabisresten en een weegschaaltje. [appellant] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de sluiting van de woning voor de duur van zes maanden onevenredig lang is, en dat een sluiting voor de duur van drie maanden voldoende was om de met het besluit te dienen doelen te bereiken. Verder voert [appellant] aan dat hij niet beschikte over vervangende woonruimte. Voorafgaand aan de sluiting van de woning dan wel tijdens die woningsluiting stond nog niet vast dat [appellant] zich gedurende de gehele periode van sluiting in detentie zou bevinden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen