ABRvS 5 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:865
Bij besluit van 8 juni 2023 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven een aanvraag van [appellante] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen. Op 11 januari 2023, aangevuld bij brief van 14 februari 2023, heeft [appellante] een aanvraag ingediend voor een uitkering uit het schadefonds. Aan deze aanvraag heeft zij ten grondslag gelegd dat zij in de jaren 2000 tot 2012 slachtoffer is geweest van huiselijk geweld door haar toenmalige partner. Zij heeft aangevoerd dat zij in 2012 van Purmerend naar Rotterdam is verhuisd, waardoor de fysieke mishandeling is gestopt, maar dat haar ex-partner haar tot 2014 is blijven bedreigen, waardoor haar aanvraag binnen de termijn is ingediend. De CSG heeft de afwijzing van de aanvraag in het besluit van 13 november 2023 gehandhaafd omdat die niet binnen de termijn is ingediend. [appellante] heeft niet aan de hand van objectieve stukken onderbouwd dat het geweld pas in 2014 is gestopt en zij heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat zij de aanvraag zo spoedig mogelijk heeft ingediend als redelijkerwijs van haar kon worden verlangd.
De uitspraak op rechtspraak.nl