ABRvS 19 februari 2025, ECLI:NL:RVS:2025:628
Bij besluit van 6 september 2022 heeft de minister van Financiën geweigerd een private schuld van [appellante] over te nemen. Deze uitspraak gaat over een besluit op grond van de regeling voor overneming en betaling van private schulden die is opgenomen in de Wet hersteloperatie toeslagen. [appellante] is een gedupeerde van de toeslagenaffaire. Zij heeft verzocht om overname van een schuld. Deze schuld bedroeg ten tijde van de aanvraag € 163.485,55. Dit geld is geleend in Guinese frank. [appellante] heeft over deze schuld aangegeven dat zij vanaf 2011 tweewekelijks tot maandelijks geld geleend heeft van [persoon A], die in Guinee woont, via een tussenpersoon, eerst [persoon B] en daarna [persoon C]. Zij heeft deze bedragen steeds contant ontvangen. Toen de omvang van de schuld opliep, heeft zij op 19 oktober 2017 in Guinee de lening vastgelegd in een attestation de reconnaissance. [appellante] stelt dat zij een vordering op de woning van haar overleden vader, die aan haar gecedeerd is, aan [persoon A] als onderpand voor de lening heeft gegeven. [appellante] is de schulden aangegaan omdat zij door de teruggevorderde toeslagen niet in staat was om in het onderhoud van haar en haar kinderen te voorzien. Initieel was afgesproken dat zij vanaf 2014 de lening, in bedragen van € 200,00 per maand, zou terugbetalen. Op 4 mei 2021 heeft zij vanuit de zogenoemde Catshuisregeling een bedrag van € 30.000,00 ontvangen.
De uitspraak op rechtspraak.nl