ABRvS 12 februari 2025, ECLI:NL:RVS:2025:549
Bij besluit van 7 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht [appellant] vier lasten onder dwangsom opgelegd om diverse overtredingen in het pand aan de [locatie] in Utrecht te beëindigen, beëindigd te houden en te voorkomen. [appellant] is eigenaar van een pand, een rijksmonument, aan de [locatie] in Utrecht. Hij verhuurt kamers in het pand. Voor het verbouwen van het pand heeft het college in het besluit van 23 maart 2016 een omgevingsvergunning verleend aan [appellant]. In het besluit van 30 april 2018 heeft het college aan [appellant] een vergunning op grond van de Verordening op de Archeologische Monumentenzorg verleend voor het verdiepen van de bestaande kelder en het ontgraven van de huidige serre. In januari 2020 heeft een toezichthouder van de gemeente Utrecht een controle uitgevoerd. Volgens het college blijkt uit de controle dat er werkzaamheden zijn uitgevoerd in afwijking van de omgevingsvergunning en de archeologievergunning. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de gestelde overtredingen voldoende basis vormen om last 1, 2 en 4 op te leggen.
De uitspraak op rechtspraak.nl