ABRvS 22 oktober 2025, ECLI:NL:RVS:2025:5068

Bij besluit van 3 augustus 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam het verzoek van onder andere [appellant] om handhavend op te treden tegen de rechthebbenden van (delen van) de gebouwen [locatie 1] en [locatie 2] in Amsterdam afgewezen.[appellant] is mede-eigenaar van het perceel [locatie 3]. Op 9 februari 2006 is onder andere aan hem voor het toen aanwezige gebouw op het perceel een sloopvergunning verleend. Daaraan zijn voorschriften verbonden om tijdens en na de sloop de constructieve veiligheid van de aangrenzende gebouwen [locatie 1] en [locatie 2] te waarborgen en om de periode te overbruggen totdat er een gebouw wordt teruggebouwd op het perceel [locatie 3]. [appellant] heeft in navolging van deze voorschriften op het perceel een stempelconstructie aangebracht, bestaande uit balken/stempels. Het perceel ligt sinds de sloop van het gebouw in 2008 braak. [appellant] stelt op het perceel nieuwbouw te willen realiseren. [appellant] betoogt dat de besluiten in strijd zijn met artikel 7:13, eerste lid, aanhef en onder a, van de Algemene wet bestuursrecht en daarmee onzorgvuldig zijn voorbereid.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken