ABRvS 8 oktober 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4820

Bij beslissing van 30 augustus 2024 heeft de examencommissie Bouwkunde van de Technische Universiteit Eindhoven aan [appellant] een negatief bindend studievoortgangsbesluit gegeven. Bij beslissing van 20 januari 2025 heeft het college van beroep voor de examens het hiertegen door [appellant] ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. [appellant] is in 2022-2023 begonnen met de premaster Bouwkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven. Gedurende dit studiejaar is het hem niet gelukt de volledige premaster af te ronden. Bij beslissing van 18 september 2023 heeft de examencommissie hem uitstel verleend voor het behalen van de premaster op voorwaarde dat hij het volgende studiejaar het vak Calculus succesvol afrondt. Aan het einde van het studiejaar 2023-2024 had [appellant] het vak Calculus nog niet behaald. De examencommissie heeft hem het negatief bindend studievoortgangsbesluit gegeven. Dit betekent dat hij met de premaster moest stoppen en ook met de master, waarmee hij in 2023-2024 al was begonnen en waarvoor hij inmiddels 65 ECTS heeft behaald.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken