ABRvS 1 oktober 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4659
Bij besluit van 19 januari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [appellante] om bekostiging van leerlingenvervoer ten behoeve van haar zoon [kind] voor het schooljaar 2023-2024 afgewezen. [kind] ging in het schooljaar 2023-2024 naar de Auris Hildernisseschool in Rotterdam. [appellante] heeft op 24 november 2023 een verzoek ingediend voor bekostiging van leerlingenvervoer voor haar zoon van zijn thuisadres naar die school. Volgens het college is de school Auris Taalfontein in Rotterdam de dichtstbijzijnde toegankelijke school. Er is geen onderwijskundige reden waarom [kind] geen onderwijs aan deze school zou kunnen volgen. Omdat de school Auris Taalfontein minder dan 6 km van het thuisadres is gelegen, komt [appellante] niet in aanmerking voor een vervoersvoorziening, aldus het college. [appellante] kan zich niet met de uitspraak van de rechtbank verenigingen en heeft hiertegen hoger beroep ingesteld. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat [appellante] geen belang bij het hoger beroep heeft, omdat het schooljaar waarvoor de vervoersvoorziening is aangevraagd inmiddels is verstreken.
De uitspraak op rechtspraak.nl