ABRvS 24 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4553

Bij besluit van 8 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om de overtreding van artikel 13 van de Wet bodembescherming in samenhang met artikel 6 van het Besluit bodemkwaliteit door het onafgedekt opslaan van afvalstoffen op een onbedekte en als zodanig onbeschermde bodem op het perceel aan de [locatie A] in [plaats], ongedaan te maken. [appellant] is eigenaar van een perceel aan de [locatie A] in [plaats] (gemeente Fijnaart, sectie V, perceel 176). Hij gebruikt dit terrein voor de opslag van materialen, zoals straatstenen en onderdelen van windturbines. Medio oktober 2020 heeft [appellant] het perceel aan een derde verhuurd om te gebruiken voor opslag. Vanaf 26 oktober 2020 is gedurende tien dagen ongeveer 5.000 m3 aan afvalstoffen, afkomstig van shredding van metaalhoudend afval, op het perceel gestort. [appellant] betoogt dat ten onrechte een verbeurde dwangsom is ingevorderd, omdat hij goede redenen had om niet binnen een week na 8 februari 2021 tot het afdekken van het afval over te gaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken